Artikel

Het implementeren van Het Nieuwe Werken is een duivelspact

Nederland adopteert Het Nieuwe Werken. Tenminste als we het mediageweld mogen geloven. Billboards op stations, een explosie van internetgroepen en een veelvoud aan websites. Artikelen hierover verschijnen in de gewone kranten en weekbladen. Elke week wel een congres en nu ook een week van Het Nieuwe Werken. Iedereen is ermee bezig, achterblijven is geen optie. De revolutie is nabij en eraan ontsnappen is onmogelijk. Toch?

Een nieuwe werkelijkheid voor werkend Nederland

Werkend Nederland lijkt op weg naar een nieuwe werkelijkheid. Er is consensus ten aanzien van de manier waarop de kantoor- of kenniswerkers zoals de adviseur, beleidsmedewerker, inspecteur, secretaresse en helpdeskmedewerker hoort te werken. Het Nieuwe Werken is een soort provotijd van deze kantoorwerker. Er moet veel worden gesloopt: de negen tot vijf mentaliteit, de functiehuizen die door een overmaat aan specialisatie en arbeidsdeling bol staan van betekenisloze en uitgeholde functies, organisatievormen die fungeren als harnassen waarin nauwelijks te werken is, planning en controle cycli die wantrouwen institutionaliseren, de eigen werkplek en allerlei sectorale ICT-systemen waarin informatie niet op orde is.

Vernieuwings- en vooruitgangsstreven

Er is een groot vernieuwings- en vooruitgangsstreven. Nederlandse bedrijven, instellingen en niet in de laatste plaats de werkende mens zelf, zien uit naar de nieuwe manier van werken die grenzeloos, plaats- en tijdonafhankelijk is, mensen de ruimte biedt om naar eigen inzicht te regelen en te organiseren, samen te werken en (kennis) te delen. De vooruitgang vraagt om een andere houding, meer vertrouwen en ruimte voor zelfontplooiing. Modern ingerichte kantoren en ‘state of the art’ technologie zijn de iconen van Het Nieuwe Werken. Maar net als in de jaren zestig draait het ook nu om het vinden van een balans tussen behouden en vernieuwen.

Het Nieuwe Werken zet organisaties aan tot bezinning en stimuleert een integrale, samenhangende aanpak van organisatie- en de bedrijfsvoeringsvraagstukken. Het brengt beslissingen op het gebied van organisatievormgeving, proces(her)ontwerp, informatiearchitectuur, bedrijfsvoering en sourcing bij elkaar. De implementatie, waarvan hieronder de essentie wordt geschetst, is geen gemakkelijke opgave. Toch laat menig organisatie zich gemakkelijk verleiden door de ’bling‘ van Het Nieuwe Werken zoals: de belofte van de hoog presenterend medewerker, nooit meer in de file, mooie kantoren, gebruiksvriendelijke technologie en hoge besparingen. Maar behoed u! De ‘bling’ is een duivelspact. De aanschaf van een laptop gaat in Het Nieuwe Werken over meer dan de aanschaf van een ICT-middel en de herinrichting van het kantoor over meer dan een verbouwing. Simpele bedrijfsvoeringbeslissingen verworden tot een nauwelijks ontwarbare kluwen waarin alles met alles samenhangt en waarin zelfs de structuur of het fundament van de organisatie ter discussie kan komen te staan. Het pact tot een goed einde brengen, is geen gemakkelijk opgave.

Het nieuwe werken is van alles, maar niet nieuw

Het grootste cliché van Het Nieuwe Werken is natuurlijk dat het niet nieuw is. In 1963 werd reeds in het hoofdkantoor van Osram in München het zogenaamde Bürolandschaft geïmplementeerd. Een werkomgeving die sterke gelijkenis heeft met hedendaagse flexibel ingerichte kantoren en waarin het doorbreken van hiërarchie en het stimuleren van afdelingsoverstijgende communicatie centraal stond. Maar ook de platte organisatie en het zelfsturende team zijn bijvoorbeeld geen nieuwe fenomenen.

Het Nieuwe Werken is dan ook een containerbegrip van enkele nieuwe, maar dikwijls oude organisatie-ideeën, begrippen en managementtheorieën. Organisaties kunnen hierin naar believen winkelen. Er is geen receptuur van Het Nieuwe Werken: elke organisatie mag zijn eigen ingrediënten kiezen. Aspecten van Het Nieuwe Werken zijn: plaats- en tijdonafhankelijk werken, work-life-balance, (zelf)sturing op resultaat, managementstijl, leiderschap, ‘state of the art’ technologie, zelfontplooiing, vermindering van bureaucratie, kantoorinnovatie en duurzaamheid. Het ‘vernieuwende’ van Het Nieuwe Werken is dat het organisaties op het spoor zet van een integrale aanpak waarin wordt gezocht naar de samenhang van de afzonderlijke aspecten.

De essentie van het implementeren van Het Nieuwe Werken

Verhalen over Het Nieuwe Werken sporen organisaties aan om integraal te kijken naar de relatie tussen het werk (doet de organisatie de dingen die ze moet doen?), de medewerker (benut de organisatie de capaciteiten van mensen ten volle om het werk goed te doen?) en de bedrijfsmiddelen zoals de werkomgeving en technologie (biedt de organisatie de juiste hulpmiddelen aan de medewerkers om makkelijk en efficiënt te werken?). Door deze integrale focus heeft Het Nieuwe Werken voor veel organisaties tevens het karakter gekregen van bezinning. Hoe geloofwaardig zijn we voor onze klanten? Doen we wat we moeten doen? Hoeveel tijd zijn medewerkers kwijt aan zaken die niet bijdragen aan het resultaat? Waarom geven we bakken met geld uit aan bedrijfsmiddelen die weinig of niet gebruikt worden? Onze kantoren staan meer dan de helft van de tijd leeg. Onze bedrijfsapplicaties worden niet gebruikt en door de medewerker zelf vervangen door internet alternatieven, zoals GMail.

Wat ons naast zo’n moment van bezinning ook opvalt aan een organisatie die zegt succes te hebben met Het Nieuwe Werken, is niet het mooie nieuwe kantoor, de mate waarin medewerkers hun eigen baas zijn, of de ‘state of the art’ ICT-middelen, maar het impliciete verhaal over de wijze waarop de bedrijfsmiddelen weer dingen van de gebruiker zijn geworden. We zien dat die gebruiker zich bovendien (weer) verantwoordelijk voelt voor zijn bedrijfsvoering en niet langer als beste stuurman aan wal blijft staan.

Het implementeren van Het Nieuwe Werken lijkt in essentie dus uit twee stappen te bestaan. Ten eerste terug naar de basis. Het kritisch nadenken over de bedrijfsdoelen en -strategie, die goed en integraal afstemmen op de bedrijfsvoering en daarbij heilige huizen niet sparen! Ten tweede het (opnieuw) centraal stellen van het werk, de mens en de werkwijzen in de bedrijfsvoering en niet de middelen.

Figuur 1: COPAFIJTH methode kan voor grip zorgen bij het implementeren van Het Nieuwe Werken

Aangezet door verhalen over een nieuwe manier van werken, zien we dat organisaties de afzonder lijke bedrijfsvoeringdomeinen (PIOFACH) weer als communicerende vaten benaderen. Meer technologie dan minder kantoorruimte. Keuzes worden domeinoverstijgend beoordeeld, in samenhang geïmplementeerd en gestuurd vanuit een brede dialoog over de inhoud van het werk, de mensen, de werkwijzen en/of het proces. Bij de implementatie van Het Nieuwe Werken moet in de verschillende domeinen van de bedrijfsvoering tegelijk worden geacteerd en dienen tevens bruggen te worden gebouwd. Het implementeren van Het Nieuwe Werken vereist minimaal een integrale aanpak van de bedrijfsvoering en is daarmee per definitie complex. Wie Het Nieuwe Werken adopteert doet er verstandig aan ook methode en technieken te adopteren waarmee grip kan worden gehouden op de complexiteit van zo’n integrale aanpak, zoals bijvoorbeeld de COPAFIJTH methode. Dergelijke methoden zijn onmisbare hulpmiddelen bij de implementatie van Het Nieuwe Werken. Ze helpen organisaties het duivelspact tot een goed einde te brengen.

Categorie:   
Auteur(s)
afbeelding van ronaldvaneerten
Ronald van Eerten
Stichting PIOFA

Drs. Ronald van Eerten is verbonden aan de Stichting PIOFA (www.piofa.nl). Een platform dat werkt aan de verbetering van de bedrijfsvoering van overheidsorganisaties.

afbeelding van merijnzee
Merijn Zee
Stichting PIOFA

Drs. Merijn Zee is verbonden aan de Stichting PIOFA (www.piofa.nl). Een platform dat werkt aan de verbetering van de bedrijfsvoering van overheidsorganisaties.

 
Reacties
adgerrits op maandag 7 mei 2012 11:50

"Het implementeren van Het Nieuwe Werken vereist minimaal een integrale aanpak van de bedrijfsvoering en is daarmee per definitie complex." Of niet. Het begrip "HNW" wordt nogal verschillend gehanteerd, dus is het maar de vraag of een integrale aanpak van de bedrijfsvoering nodig is. En of het per definitie complex is. Onder HNW kun je ook verstaan dat je niet alles meteen integraal aanpakt, maar op deelterreinen vooruitgang boekt en daar op een meer agile wijze voortdurend bijleert en bijstuurt. In mijn ogen biedt het ter beschikking stellen van iets eenvoudigs als webmail voor medewerkers veel, vooral positieve, bijeffecten op allerlei terreinen. Ook zonder dat er op alle bedrijfsvoeringdomeinen grondig over nagedacht is.

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
Indien het niet lukt om een reactie te plaatsen, stuur dan uw reactie naar redactie@xr-magazine.nl.
Alle inzendingen dienen correct, professioneel en beschaafd te zijn. IP-adressen worden gelogd, maar niet gepubliceerd. De redactie van XR Magazine behoudt zich het recht voor om anonieme reacties (niet op naam) of zonder geldig e-mailadres, te verwijderen zonder kennisgeving. Ook reacties waarin commerciële uitingen worden gedaan en/of commerciële producten en diensten worden aangeboden worden door de redactie verwijderd of ontdaan van commerciële uitingen zonder kennisgeving.