Artikel

De ZaakStore

De doorontwikkeling van het midoffice platform in de gemeentelijke wereld biedt met de introductie van de dikke midoffice, de mogelijkheid om op gestandaardiseerde wijze ontwikkelde procesapplicaties op te nemen en in te zetten op dit platform. Door deze architectuur te baseren op open standaarden en ter beschikking te stellen aan de markt, kan een marktplaats worden gecreëerd waarin marktpartijen eigen procesapplicaties kunnen aanbieden aan geïnteresseerde afnemers. Samenwerkingsverbanden als Dimpact en GovUnited hebben voldoende massa om deze beweging samen aan te jagen. De voordelen van dit model zijn legio en daarmee de moeite waard om de mogelijkheden ervan te bespreken.

Case management is helemaal terug als architectuurparadigma. Onder de naam ‘zaakgericht werken’ wordt in de overheid onder architectuur gewerkt aan de invoering van elektronische dienstverlening en procesmatige bedrijfsvoering. Hiervoor wordt in het algemeen gebruik gemaakt van door de markt ontwikkelde software die voldoet aan de gemeentelijke model architectuur die de naam ‘GEMMA’ heeft gekregen. Deze software maakt gebruik van de principes achter case management om op gestructureerde wijze de voortgang van transactionele dienstverlening te sturen en te monitoren.

Generatie 1: Digitale loketten

De ontwikkeling van deze software is de afgelopen jaren hard gegaan, mede dankzij de krachtig en eenduidig vormgegeven aanbestedingen in de sector. In de eerste generatie van deze software lag de nadruk op de voorkant. Door het inzetten van een digitaal loket en gebruikmakend van digitale formulieren, werd er voor de klanten van een gemeente voor gezorgd dat deze via het internet gemeentelijke diensten konden afnemen. Dat deze aanvragen vervolgens op de traditionele, veelal ‘handmatige’ wijze werden afgehandeld bleef voor de klant onzichtbaar.

Generatie 2: Dunne midoffice

In latere jaren werd gestreefd naar het kop pelen van deze digitale aanvragen met de bestaande procesapplicaties zoals het bevolkingsregistratiesysteem. Hiervoor werd zwaar geleund op middleware. Het doel hiervan was dat het totale dienstverleningsproces van aanvraag tot afhandeling digitaal kon worden ondersteund. Dit maakte het ook mogelijk om tussentijdse status updates beschikbaar te stellen en daarmee de klant op de hoogte te houden van de voortgang. Deze evolutionaire stap had als naam “dunne midoffice”.

Generatie 3: Dikke midoffice

Inmiddels zijn we weer een aantal jaren verder en wordt op diverse plekken hard gewerkt aan de realisatie van de zogenaamde “dikke midoffice”. Deze volgende stap in de evolutie van de gemeentelijke architectuur heeft als onderscheidend kenmerk dat de proceslogica in de midoffice wordt ondergebracht. Dit in tegenstelling tot het koppelen met bestaande procesapplicaties, zoals dat gebeurde in eerdere incarnaties. In de praktijk worden deze vormen overigens gemengd aangetroffen, aangezien een gemiddelde gemeente wel driehonderd of meer relevante processen telt. Een interessante ontwikkeling die behoort bij de dikke midoffice is de mogelijkheid om de procesomgeving te standaardiseren en daarmee de ontwikkeling van applicaties door derden te laten plaatsvinden. Deze ontwikkeling vindt momenteel in diverse programma’s plaats, onder meer bij de samenwerkingsverbanden Dimpact en GovUnited.

Beperkte ontwikkeling

In dit artikel stel ik voor om deze ontwikkeling te laten verlopen via een door de overheid beheerde applicatiemarktplaats. De reden hiervoor is eenvoudig. Het potentieel van de dikke midoffice zit niet in de onderliggende technologie, er zijn immers al vele BPM platforms waarmee vergelijkbare functionaliteit kan worden geboden. Het potentiële succes zit in de hoeveelheid procesapplicaties die worden ontwikkeld. Daarom werkt het niet als een dergelijk platform alleen gebruikt kan worden door de ontwikkelende leverancier en dus door een beperkt aantal afnemende gemeente(n). Vanwege het gesloten karakter ontstaat de stroom nieuwe toepassingen alleen bij de gratie van de leveranciers en zal in de praktijk dus beperkt blijven.

De AppStore

Een zeer succesvol voorbeeld waarbij dit pro bleem is omzeild in een andere markt, is de manier waarop Apple aan software voor de iPhone en iPad komt; De AppStore. In deze online winkel worden door derden ontwikkelde applicaties te koop aangeboden aan gebruikers van het iPhone platform, waarbij Apple een (relatief klein) deel van de opbrengsten in eigen zak steekt, maar het merendeel aan de ontwikkelaar doet toekomen. Een echte win-win-win oplossing: De ontwikkelaar heeft een gestandaardiseerde manier om zijn applicatie aan een grote hoeveelheid klanten aan de man te brengen en kan hier dus grof aan verdienen. De consument heeft instantaan toegang tot een groot en breed aanbod van applicaties en doordat het een open marktplaats is, zorgt onderlinge concurrentie voor redelijke prijzen. En Apple profiteert mee door de verkoop van devices én van software.

De ZaakStore

Als we dit succesmodel vertalen naar de midoffice wereld, zou dat vereisen dat we de markt een gestandaardiseerde omgeving bieden om procesapplicaties te ontwikkelen. Deze zouden vervolgens te koop aangeboden kunnen worden op een AppStore voor de gemeentelijke midoffice systemen: de ZaakStore. Geïnteresseerde gemeenten kunnen vervolgens uit de aangeboden mogelijkheden à la carte hun eigen behoeften invullen. Hiervoor wordt dan bij voorbeeld een verrekenmodel per inwoner bij wijze van licentiemodel gehanteerd. In schema (figuur 1):

Figuur 1: De ZaakStore in volle glorie

Voordelen

De voordelen van dit open model zijn legio:

  • Er kan een veelheid aan procesapplicaties ontstaan doordat een dergelijke marktplaats toegankelijk is voor iedereen.
  • Er wordt ontwikkeld op basis van daadwerkelijke behoefte, onnodige applicaties zullen niet worden afgenomen.
  • Er ontstaat marktwerking doordat meerdere aanbieders oplossingen voor hetzelfde domein kunnen ontwikkelen.
  • Publiek-Private samenwerking wordt op deze manier gestimuleerd, waarbij de efficiëntievoordelen vanwege concurrentieafwegingen zullen worden doorberekend  aan de overheid.
  • Innovatie kan meteen worden gedeeld met een grote groep potentiële afnemers.
  • Vendor Lock-In wordt hiermee bestreden, iedereen kan immers vervangende applicaties ontwikkelen op basis van de beschikbare standaarden.
  • Het werkt standaardisering in de hand doordat afnemers hun leveranciers onder druk kunnen zetten hun oplossing geschikt te maken voor de procesapplicaties.
  • Ook interessant: het biedt de mogelijkheid voor overheden om hun eigen investering in de ontwikkeling van procesapplicaties terug te verdienen door deze via de ZaakStore aan te bieden aan andere gemeenten.

Krachtige Stimulans

Om deze voordelen te kunnen realiseren is het noodzakelijk dat de leveranciers van dikke midoffices met elkaar tot een gestandaardiseerde omgeving komen, waarin procesapplicaties kunnen worden opgenomen. Dit is niet iets wat vanzelf zal gebeuren. Dit is de reden dat deze ontwikkeling gestimuleerd zal moeten worden vanuit de overheid. Een krachtige stimulans zou een samenwerking tussen de eerder genoemde samenwerkingsverbanden Dimpact en GovUnited zijn. Samen vertegenwoordigen zij gemeenten met meer dan twee miljoen inwoners en zijn daarmee ongetwijfeld kritieke massa.

Logius en KING

De ontwikkelde standaarden zouden in beheer kunnen worden gegeven bij het KwaliteitsInstituut Nederlandse Gemeenten (KING), waarmee toekomstige ontwikkeling en terugwerkende compatibiliteit geborgd kan worden. Een even interessante vraag is wie de ZaakStore zou moeten exploiteren. Deze marktplaats is uiteraard gebaat bij een stabiele, niet-commerciële beheerder. Hiervoor zou een beroep gedaan kunnen worden op de beheerorganisatie van de centrale overheid, Logius. Door de verkoop van de procesapplicaties af te romen, kan de exploitatie worden bekostigd en kan eventueel een innovatiepot worden gecreëerd die kan worden gebruikt om voor commerciële leveranciers niet-rendabele applicaties te ontwikkelen en deze aan te bieden aan gemeenten.

Charmant idee

Het is een interessant en - naar mijn mening - charmant idee om de leveranciers in concurrentie bij te laten dragen aan de verbetering van de gemeentelijke dienstverlening. Toegegeven, er moet nog heel wat water door de Rijn stromen voor een dergelijk concept realiteit is en de uitdagingen zijn legio. Het delen van innovatie vindt helaas nog veel te weinig plaats binnen de overheid en het is nog maar de vraag of er ruimte is voor een dergelijk prijsmodel binnen de vrij rigide aanbestedingswetgeving. Toch is de voorgestelde ontwikkeling niet onmogelijk. In tegendeel, het past bij het huidige tijdsgewricht dat in het teken staat van samenwerking, het delen van best practices en efficiëntieverbetering. Daarnaast is het een aantrekkelijke manier om marktwerking te brengen in een door een beperkt aantal leveranciers gedomineerde markt. Berichtgeving in de pers over de ambitie van zowel Dimpact als GovUnited om een landelijke standaard te worden zijn hoopgevend. Voorwaarde is natuurlijk wel dat ze deze eerst met elkaar afstemmen…

Categorie:   
Auteur(s)
afbeelding van robertmekking
Robert Mekking
Desiris Advies - E-overheidsadviseur

Robert Mekking is adviseur in de e-overheid en is gespecialiseerd in invoering van Zaakgericht Werken. Volg Robert op www.twitter.com/robertmekking

 
Reacties
Aart-Jan Strijker op vrijdag 18 juni 2010 12:04

Robert,
Het is inderdaad een charmant idee en, zoals je al opmerkte, moet er nog heel wat water door de Rijn. Zolang iedere gemeente in Nederland nog zijn eigen werkprocessen mag inrichten en hiervoor nog geen landelijke standaard is zal het ontwikkelen van applicaties voor de zaakStore niet haalbaar en lucratief zijn voor de leveranciers. Die standaard vertaald zich natuurlijk ook verder naar je technische architectuur. Ik moet te vaak met lede ogen aanzien dat bijvoorbeeld goede samenwerkingsvoorstellen uitgehold of geannuleerd worden omdat de technische architecturen totaal niet op elkaar aansluiten en dit buitensporige investeringen vereist.
Ik ben het helemaal met je eens dat alleen een opensource platform leidt samenwerking en producten van voldoende kwaliteit!
Laten we dit charmante idee blijven uitdragen dan heeft het in de toekomst kans van slagen.

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
Indien het niet lukt om een reactie te plaatsen, stuur dan uw reactie naar redactie@xr-magazine.nl.
Alle inzendingen dienen correct, professioneel en beschaafd te zijn. IP-adressen worden gelogd, maar niet gepubliceerd. De redactie van XR Magazine behoudt zich het recht voor om anonieme reacties (niet op naam) of zonder geldig e-mailadres, te verwijderen zonder kennisgeving. Ook reacties waarin commerciële uitingen worden gedaan en/of commerciële producten en diensten worden aangeboden worden door de redactie verwijderd of ontdaan van commerciële uitingen zonder kennisgeving.